zaterdag 29 september 2007
Hitlers naakte voeten
Hij doofde zijn sigaret en keek me aan. Ik hield mijn adem in, exhaleerde rook. Er waren nauwelijks lampen in dit café, maar de gebouwen van de stad en de lucht buiten zorgden voor voldoende lichtinval.
"Als er één ding is dat ik geleerd heb in dit leven... dan is het dat een man op zijn eigen voeten moet staan." Na enkele minuten stilte was hij nu plots beginnen spreken met overdreven luide stem. Ik inhaleerde in stilte en schraapte mijn keel. Er hing een ongemakkelijke sfeer maar hij ging onverstoord verder:
"Oh ja, absoluut.", zijn stem klonk tevreden nu. "Met een stevig paar voeten kan je alles aan. Bekijk die gebouwen daar maar eens."
Ik draaide me om en keek door de ramen. De stad leefde en ademde, snelde met haar eigen bloed.
"Vraag het aan eender welke architect of metser, ze zullen allemaal hetzelfde zeggen: alles draait om het fundament. Met een goed fundament kan je alles aan. Jezelf verwortelen in de grond, een anker vinden. Daar is het mij om te doen."
Ik lachtte flauwtjes, niet goed wetend of ik iets moest antwoorden. Ik mompelde iets over schoenen, terwijl ik mijn hand naar mijn kopje thee uitstak. Dat daverde terwijl hij met blote hand op de tafel sloeg. Ik greep het kopje met beide handen vast en bracht het haastig naar mijn lippen.
"Dat is precies waar ik het over heb, man! Schoeisel! Schoeisel, godverdomme! Maar... laat me even nadenken."
Hij leunde samenzweerderig voorover, en liet zijn ellebogen rusten op de tafel.
"Een schoen... is een verpakking. Voor de voeten. Maar het is een verpakking zoals een kartonnen doos een verpakking is. Gebouwd om zijn vorm te bewaren. En dat is het probeem. Je moet een schoen als het ware 'inwijden', inlopen zeg maar, om zich aan te passen aan de vorm van je voet."
Ik knikte. Knikken deed ik vaak. Het moedigt mensen aan veel te praten zonder dat ik zelf iets moet zeggen.
"Het lastige is dat, op zekere wijze, je voet zich omgekeerd ook aanpast aan de schoen. Iets... de vorm... wordt gewijzigd. Dat heb je met schoenen, ze wijzigen de voeten. Ze veranderen de voeten. En, je weet... een voet... Wel, voeten zijn het fundament van een man."
"Zoals bij een gebouw?" vroeg ik, want ik voelde dat ik op dit moment iets moest bijdragen aan het gesprek.
Zijn ogen lichtten op en hij greep me bij de schouder, waardoor ik me schrap moest zetten om mijn thee niet te morsen.
"Exact! De voeten zijn het fundament! Nu, in een gebouw kan je het fundament niet veranderen zonder daarmee meteen ook het hele gebouw te wijzigen. Je moet rekening houden met bepaalde toelatingen, optellingen, aftrekkingen. Met mensen is dat niet anders. Je kan de voeten niet veranderen zonder de man te veranderen. Denk er eens over na: wij gebruiken onze voeten iedere dag. Als we nu onze voeten op eender welke manier zouden veranderen, zouden we automatisch ook onszelf veranderen. Het begint met een andere pas, een andere manier van lopen. We bewegen anders. Leven is verplaatsen. Van punt A naar punt B gaan. Als we ons anders door de wereld bewegen, dan zien we die wereld ook anders. Iemand die mankt ziet de wereld niet op dezelfde manier als iemand die op een normale manier wandelt, dat is een feit. Trappen zijn anders, bochten zijn anders, voetpaden, wegen, auto's, modder en zand zijn allemaal anders. Het gezichtspunt is anders! De perceptie is anders!"
Ik richtte mijn blik naar het licht. Buiten was het wat donkerder geworden nu. Maar het was nog steeds mijn stad. De stad waarin ik leefde, waarin ik werkte en waarin ik mij verborg.
"Dat is de moeilijkheid met schoenen."
Ik knikte. Hij was duidelijk compleet gestoord, maar ik kon de grote lijnen van zijn uitleg nog wel volgen. Ik wou naar zijn schoenen kijken.
" Sokken beste kerel!", zei hij, zijn vuisten op de tafel slaande. Enkele druppels tee vlogen uit mijn kopje en op het tafelkleed.
"Sokken geven geen vorm aan de voet! De voet is als water, hij vult de sok als een vloeistof. De hielen en de tenen zijn enkel gidsen, maar ze geven geen vorm aan de voet!"
Ik dacht terug aan toen hij binnenkwam in het café en zich onuitgenodigd naar mijn tafel begaf. Ik kon me geen voetstappen herinneren.
"Zeg eens... wat denk jij over goed en kwaad?"
Ik wist niet wat te zeggen. Hij merkte het en pikte er op in.
"Goed en kwaad bestaan."
Hij staarde me aan. Ik knikte enkel.
"Mensen kijken terug op Hitler en zeggen dat ze kwaad konden zien in hem, in zijn handtekening toen hij dit of dat verdrag tekende, of hoe zijn schedel een zwakke structuur had, de helling van zijn voorhoofd was niet juist, de lijnen in zijn handpalmen voorspelden de Tweede Wereldoorlog... Allemaal onzin. Kijk naar zijn voeten. Bekijk gewoon zijn naakte voeten."
Ik had Hitlers voeten nooit gezien.
"Kijk naar die laarzen die hij droeg. Stijf, onbuigzaam, zijn voeten mochten niet eens groeien zoals het hoort, ademen zoals het hoort. Daar hadden we onze lessen uit moeten trekken. Kijk... wij willen niks opdringen over goed en kwaad. Nee. Wij hebben het over perfectie."
Ik trok een wenkbrauw op.
"Inderdaad ja, perfectie! Ik ben niet de enige die dit ziet. Een goeie schoen is oké. Maar wat te denken over een perfecte schoen? Een schoen die de persoonlijkheid van een voet kan bewaren terwijl hij hem tegelijkertijd omkneed tot iets beter. En wat te denken over een sok die deze vorm kan vasthouden?"
Perfecte sokken. Ik vond die van mij best knus eigenlijk. Veilig. Misschien had ik wel nieuwe sokken nodig. Er zaten geen gaten in die van mij, dacht ik.
"Wij - we zijn met vijftig - zijn dit aan het onderzoeken. We bestuderen. We catalogiseren. We onderzoeken en examineren, verzamelen en brengen bij mekaar. Voor iedere man, vrouw en kind moet er een perfecte sok bestaan: iets dat hun tenen kan vertroetelen, hun zolen al strelend kan kietelen en hun hielen kan kussen. Iets zo perfect dat de geest van de persoon die ze draagt geen kwaad meer binnenlaat. Waarom zou iemand zich uiteindelijk kwaad maken als zijn voeten zo fantastisch aanvoelen?"
Ik zei niets.
"We hebben sokken gemaakt. Duizenden paren. Telkens komen we dichter bij de absolute kennis. Kijk. Kijk, verdorie, je moét me geloven. We hebben sokken uitgevonden die een gewone man zullen veranderen in een engel, in een goddelijke manifestatie van Licht. En we hebben sokken gemaakt die een vergevingsgezinde man zullen verzuren en hem haat zullen doen voelen tegenover al wat bestaat. Wij zijn daartoe nu al in staat. Het is zo subtiel, zo onbemerkzaam, maar de verandering vindt plaats. Niemand beseft hoeveel woede of liefde een simpel stuk wol kan veroorzaken tot ze onze geheimen zien, onze mysteries kennen en beseffen dat er nog zo veel, zo veel te leren valt. Perfectie is bereikbaar. Verlichting ligt voor het grijpen. Het geheim zit in je eigen paar voeten en in de sokken die je draagt. Welke soldaat zal ten oorlog willen trekken als zijn voeten rusten in een kribbe van wolken en zonneschijn? Maar aan de andere kant: wat voor monster zal hij worden wanneer hij stijve draden en vervelende elastiek draagt? Dit zijn simpele feiten. Onze redding is ons fundament. Ons fundament is onze voeten, die gekleed moeten worden in de beste en meest vakkundig geweven sokken, zodat we onszelf niet verliezen."
Ik wierp een betekenisvolle blik naar de dienster. Ze kwam langs en ik stopte wat geld in haar hand, in stilte suggererend dat ze het wisselgeld mocht houden.
Ik stopte niet toen hij me vroeg waar ik naartoe ging. Ik stapte naar buiten, de stad in. Geluiden, geuren en gezichten. Ik ademde koude lucht in. Mijn schoenen kletterden op het voetpad.
Labels:
Proza
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten